Fauten maken mach

VOORWOORD RAAK DECEMBER 2019

Curlingouder, pluspapa en scharrelkind. Zomaar een paar voorbeelden van woorden die typerend zijn voor opvoeden anno 2019.
In taal zie je terug hoe opvoeden en de maatschappij veranderen. Nieuwe woorden laten dat scherp zien. Neem een woord als ‘gezin’. Vroeger dachten we daarbij aan twee ouders met een of meer kinderen, maar vandaag de dag hoor je ook ineens ‘tweeoudergezin’. Hetzelfde geldt voor ‘thuisblijfmoeder’, een moeder die niet werkt maar thuisblijft voor de kinderen. Vroeger heette zo’n vrouw gewoon moeder. Nog een voorbeeld: op sociale media plaatsen ouders tegenwoordig foto’s van hun buiten spelende kinderen met de hashtag #buitenbabys. Scharrelkinderen heten ze ook wel. Vroeger was het vanzelfsprekend dat je als kind naar buiten ging om te spelen, zonder dat dit expliciet werd benoemd. Vreemd.
In het taalgebruik kan je zien dat we, wanneer het op opvoeding aankomt, meer dan vroeger neigen naar reguleren en controleren. Ik wil even dieper ingaan op de term ‘curlingouders’. De kans is groot dat je er nog niet eerder van had gehoord, maar toch bestaat dit woord al zo’n drie jaar.

Curling?

Voor ik verder ga, even kort uitleggen wat curling precies is. Curling is een soort bowlen, maar dan op ijs. Het wordt gespeeld met zware stenen. Bij het loslaten van de steen wordt er een draaiende beweging aan gegeven. Hierdoor krijgt de steen een licht gebogen baan. Deze draaiing heet de ‘curl’ van de steen. De spelers van elk team hebben een bezem om het ijs vóór de steen te vegen, zo vermindert de wrijving tussen beide en wordt de baan van de steen beïnvloed.

Wat wil ik hier nu mee zeggen? Het is een metafoor, voor het eerst gebruikt door de Deense psycholoog Bent Hougaard. Veel ouders doen zelf aan curling, zonder zich hiervan bewust te zijn. Ze doen het uit liefde voor hun kinderen. Ouders willen hun kinderen beschermen tegen iedere grillige beweging van het leven en iedere oneffenheid voor hen wegvegen, voor ze de kans krijgen erover te struikelen. Ze vegen als het ware het pad schoon voor hun kroost. Hierdoor verminderen ze de wrijving in het leven van hun kinderen, maar zo leren die er ook niet mee omgaan. Want ja, het leven is nu eenmaal niet altijd, elke dag en elk uur, leuk …

‘Het is goed voor kinderen om te leren omgaan met alle gevoelens: niet alleen blijdschap, maar ook verdriet’

Natuurlijk is het niet gek dat we onze kinderen willen beschermen, maar we vergeten daarbij dat ze juist van al die fouten leren. Tegenwoordig worden ze aan alle kanten gepamperd, en dat gaat ten koste van hun zelfredzaamheid. Dat willen we toch niet? Het is goed voor kinderen om te leren om te gaan met allerlei soorten gevoelens. Niet alleen maar blijdschap en vreugde, maar ook boosheid en verdriet als er iets tegenzit. Want of het nu gaat om een nederlaag op het sportveld, een tegenvallend rapport of ruzie met vriendjes, geef ze de kans om hieruit te leren.

Als je kinderen te veel wil beschermen en behoeden voor fouten sta je de ontwikkeling van hun zelfredzaamheid in de weg. Iedereen leert het meest van fouten maken. Natuurlijk mag je ze helpen, maar het is ook heel goed om ze af en toe gewoon tegen de lamp te laten lopen. Dat mag uiteraard in een beschermde omgeving met liefdevolle ouders; je hoeft je kind echt niet helemaal los te laten. Zie het als leren fietsen: je begint met een loopfietsje, zijwieltjes, dan met hulp en uiteindelijk fietsen ze zelfstandig.

Stop dus met vegen en leer kinderen ‘fietsen’. Het leven kent nu eenmaal tegenslagen en daar kunnen kinderen maar best op voorbereid zijn.

Delen

 

Cookies maken het eenvoudiger voor ons om onze diensten te leveren. Met het gebruik van onze diensten geef je ons toestemming om cookies te gebruiken.
Ok