De zondvloed van het nettowerk

Geschreven door Sandra Rosvelds - 25 oktober 2017

6000 euro per jaar netto zonder daarop belastingen of sociale lasten te betalen. Daar kwam de regering deze zomer mee op de proppen. Brutoloon wordt zo nettoloon om nog maar eens een achterpoortje te vinden op de hoge belastingsdruk in ons land. Daarnaast lijkt het de mirakeloplossing voor het vele zwart en grijswerk in onder andere de sportsector en bij uitbreiding ook in het verenigingswerk en de non-profit.

Sympathiek allemaal, nu een hele resem activiteiten van bijklussen, de training geven in de sportclub over gidsen tot bijles geven en babysitten uit de grijze zone wordt gehaald en gelegaliseerd. De regering bedoelt het goed, zegt ze. En het zal wel zijn dat heel wat clubs of vereniging een zucht van verlichting slaan, nu ze niet meer ‘in het zwart’ of ‘onder tafel’ moeten betalen. Ook particulieren kunnen beste tevreden zijn dat zij nu 6000 euro kunnen bijverdienen door bij andere particulieren klusjes te doen.

Dat is natuurlijk heel fijn, iedere maand 500 euro netto op je rekening krijgen. Op korte termijn dan. Maar we vrezen dat het al snel een aantal dynamieken op gang kan brengen met eerder ongewenste effecten tot gevolg.

Werkenden zouden wel eens hun rekening kunnen maken en zich inschakelen in dat nieuwe stelsel ‘verenigingswerk’. Werknemers, ambtenaren en zelfstandigen die 4/5de werken, maar ook gepensioneerden kunnen van deze nieuwe regeling genieten. Op korte termijn omschakelen naar zo’n 4/5de en nog 500 euro onbelast bijverdienen. Zalig toch? Maar beseffen mensen dat ze daardoor geen pensioenrechten opbouwen op dat deel en ze het veel later dan met een kleiner pensioentje zullen moeten stellen? Ook zelfstandigen in bijberoep zullen snel hun rekening maken en bekijken of ze niet meer inkomen overhouden door om te schakelen naar activiteiten in dit nieuwe systeem. In dat geval zijn het vooral de overheid en de sociale zekerheid die de rekening betalen.

 

Wie zal er nog zijn rekening maken? Tal van organisaties in de sport, de zorg en culturele sector. Er zijn vandaag wel degelijk sportorganisaties die hun trainer een arbeidscontract aanbieden of scholen die de buitenschoolse kinderopvang organiseren met werknemers. Wat zal hen in de toekomst beletten om de werknemers te vervangen door een ploeg van ‘verenigingswerkers’? We zeggen maar wat: door ouders die om beurt een dag in de week instaan voor de kinderopvang voor en na school. Zelfs wanneer garanties worden ingebouwd tegen omzetting bij bestaande organisaties, dan nog zal je nieuwe spelers zien opduiken met een “businessmodel” aangepast aan dit koopjestarief.

Gebruikers zullen ook hun voordeel zien. Waarom de kinderen nog naar de buitenschoolse opvang brengen als je een (gepensioneerde) gezinsondersteuner aan huis kan krijgen die de kinderen van school haalt en het eten al klaarmaakt? Nu gebeurt dat mogelijks door een PWA –er (een job voor een werkzoekende met een PWA-overeenkomst), voortaan kan dat ook van burger tot burger. Idem voor dag- en nachtoppas of voor gezinszorg, dat vandaag verloopt via erkende diensten. Wie je op die manier in huis haalt, is dan volledig je eigen verantwoordelijkheid, want er zit geen erkende organisatie meer tussen die de kwaliteit van de dienstverlening bewaakt.

De vraag is ook hoe lang dit een initiatief zal blijven ‘van burger tot burger’. Binnen de kortste keren zullen commerciële digitale platformen een deel van deze markt invullen en hun winstmarge nemen.

Op het eerste zicht zullen er wel heel wat rekening kloppen. Op korte termijn dan toch. Dat de overheid heel wat inkomsten dreigt mis te lopen als mensen massaal overschakelen naar een 4/5? Wat als de bijberoepen achtergelaten worden voor het nettowerk? Of gebruikers niet langer beroep willen doen op erkende diensten met gekwalificeerd personeel? Over nagedacht?

Door nettowerk toe te laten in de kinderopvang, de zorg en klussen in en om het huis riskeren we de sociale vooruitgang van de laatste jaren waarin mensen een beter statuut en betere sociale bescherming kregen (onder meer via dienstencheques, de buitenschoolse kinderopvang en het statuut voor onthaalouders) opnieuw onderuit te halen. De vraag is of de regering deze potentieel negatieve impact voldoende heeft ingeschat. Een goede monitoring dringt zicht op. Al valt nu al te vrezen voor de negatieve gevolgen op lange termijn, want dan vrezen we dat de rekening bijlange niet zal kloppen. En dan is deze ‘leuke’ maatregel natuurlijk iets minder sympathiek.

Sandra Rosvelds
Hoofd van de studiedienst van beweging.net